Zelfs mijn naam is mooi, moet Henk Westbroek gedacht hebben toen hij zijn biografie een titel moest geven. Opgetekend door Martin Groenewold, is ‘Henk’ een aaneenschakeling van sterke verhalen. Als hij over zijn jeugd vertelt, eindigen de anekdotes steevast met geweld – tegen de Duitse politie, bijvoorbeeld. Later zijn het vooral Henk Temming en de ambtenarij die meerdere vegen uit de pan krijgen. Westbroek is een verhalenverteller pur sang en ondanks de druppeltjes venijn die tussen de regels hangen, is het een genot om, ook op papier, naar hem te luisteren.

Het is in om biografieën een zo kort mogelijke titel te geven, vooral als het gaat om boeken van ex-voetballers. Die lezen vlot weg, maar zijn in veel gevallen niet meer dan een aantal lange uitgetikte interviews die achter elkaar zijn geplakt. Biografieschrijven is een kunst op zich. Wat dat betreft steekt ‘Henk’ met kop en schouders boven de Kieften en Gijpen van deze wereld uit.

Rode draad

In hapklare hoofdstukken wordt de levensgeschiedenis van de socioloog/muzikant/radio-dj/politicus en Griekse landschildpadeigenaar helder, met veel humor, uit de doeken gedaan. Al vanaf jonge leeftijd heeft hij het talent om zijn kont tegen de krib te gooien. Om niet alleen autoriteiten ter discussie te stellen, tot in rechtszalen aan toe, maar gericht uit te dagen. Dat loopt als een rode draad door het boek: hoe Westbroek iedereen (leden van Het Goede Doel, de leiding van Radio 3, het Utrechts Nieuwsblad, de politie, en Ivo Opstelten – destijds de burgemeester van Utrecht, om er een paar te noemen) tegen zich in het harnas jaagt. Dat blijft fascinerend, want je zou verwachten dat dat alleen maar in zijn nadeel uitpakt.

Snoopygate

Zo niet bij Westbroek. Met het gelijk aan zijn zijde ondervindt hij enorm veel tegenstand, maar komt hij uiteindelijk overal mee weg. Met pijn en moeite soms, zoals bij Snoopygate. (Dit gebeurde in 2005, anders was er vast een hashtag voor in het leven geroepen.) Snoopy, de Griekse landschildpad die hij had geërfd, liep weg. Toen de politie daar lucht van kreeg, kwam Westbroek in een juridisch circus terecht waar geen einde aan leek te komen. Met hulp van Bram Moszkowicz die hem, omdat de zaak te leuk was, aanbood om hem gratis te verdedigen, streed hij tegen het gekmakende protocollaire geneuzel, de regelzucht en het bonnetjesfetisjisme waar Nederland om bekendstaat.

Autoritaire ‘nee’

Of toen hij als middelbare scholier een actie opzette (in zijn woorden: een revolutie ontketende) tegen de directie van de school. Zijn (alleszins redelijke) voorstel voor een overblijflokaal werd afgeschoten. Dan moet je net Westbroek hebben. Goede argumenten inbrengen en dan met een autoritaire ‘nee’ afgescheept worden? Dat zullen we nog wel eens zien. Zijn actie kreeg landelijke bekendheid en aan het eind van het liedje konden de rector en conrector hun biezen pakken.

Het Goede Doel

Naast de sterke verhalen uit zijn jeugd, zijn politieke avonturen met eerst Leefbaar Utrecht en daarna Leefbaar Nederland en Pim Fortuyn, komen ook de succesjaren van Het Goede Doel ruimschoots aan bod. Inclusief hitnoteringen. Voor mensen van veertig jaar en ouder een feest der herkenning. De relatie tussen Henk en Henk (Temming) verliep echter behoorlijk stroef. Het was een bonafide haat-liefde-verhouding. Haat als het op geld en bandbezetting aankwam, liefde als het niets met geld en bandbezetting te maken had.

De live-uitvoering van ‘Nooduitgang’ vind ik persoonlijk het beste Doel-nummer ooit, en voor mij is de grootste onthulling van het boek dan ook dat we de toevoeging ‘live’ met een flinke korrel zout moeten nemen: het is een studio-opname waar achteraf applaus aan is toegevoegd.

Opwarmertje?

Met 328 pagina’s is ‘Henk’ van een prima lengte, maar je vliegt erdoorheen. Het omslaan van de laatste bladzijde voelt bitterzoet. Er zit zo veel meer in het vat, zo lijkt het. En is dit boek inderdaad slechts een opwarmertje? In de author’s notes zinspeelt Groenewold al op een tweede deel. Om in de huidige biografietraditie te blijven zal dat waarschijnlijk ‘De Wereld Volgens Henk’ gaan heten.